Rupsbestrijding: graag zonder nevenschade

Biologisch, selectief en beheersbaar. Aan de hand van deze drie sleutelbegrippen werkt Poel aan de ideale oplossing waarmee je de overlast van eikenprocessierupsen bestrijdt. Het bedrijf denkt met Catefix 2020 een heel eind in de buurt te komen.
Rupsbestrijding: graag zonder nevenschadeRupsbestrijding: graag zonder nevenschade
In het hele land zijn maatregelen genomen in de hoop de overlast van de eikenprocessierupsen deze zomer binnen de perken te houden. Veel gemeenten hebben nestkastjes opgehangen en die ook gratis uitgedeeld, om zoveel mogelijk vogels te lokken die de rupsen opeten.
Deze wijze van preventieve bestrijding heeft echter ook een keerzijde, zegt Lars Rodrigues, Productmanager Persoonlijke Beschermings Middelen bij Poel. “Het is belangrijk om een deel van de eikenpopulatie terug te dringen en meer natuurlijke predatoren van de eikenprocessierups te lokken. Maar het vergt een zeer lange adem om de ideale natuurlijke balans tot stand te brengen. Dan ben je wel vijftig jaar verder.”

Aanvullende maatregelen
Daarom zijn er volgens Rodrigues aanvullende maatregelen nodig. Niet elk middel wordt echter met gejuich ontvangen. Zo stelde de Vlinderstichting al vragen over de inzet van het bestrijdingsmiddel Vertimec. Een andere methode die opduikt is een speciale band met klevend materiaal rond de stam om de rupsen bij hun afdaling naar beneden op te kunnen vangen. Maar ook deze methode is desastreus voor andere insecten.
“Ook bij het ontwikkelen van deze oplossing is niet goed nagedacht over de nevenschade die het oplevert”, zegt Rodrigues. “Op social media zijn al foto’s gepubliceerd van vogels die aan het materiaal blijven plakken. Dat roept zoveel aversie op. Op dat moment kun je het al vergeten met je product.”
De productmanager merkt dat er onder opdrachtgevers als gemeenten en recreatieparken - maar ook particulieren - steeds meer weerstand ontstaat tegen methodes die veel nevenschade opleveren. “Ook het bacteriën en aaltjes in eikenbomen spuiten heeft negatieve gevolgen voor andere organismen. In Apeldoorn zien we al dat spuiters onder druk van buurtbewoners hun werkzaamheden noodgedwongen moeten staken. Iedereen heeft behoefte aan selectievere oplossingen om het probleem van de eikenprocessierups te bestrijden. Wij proberen hierin mee te denken.”

Directe overlast
Catefix 2020(catepillar Fixation)is ontwikkeld door Toriel lijmen. De geestelijk vader van Catefix is Namme Nijland, die op vakantie in Italië ernstig lastig gevallen werd door processierupsen. Om de directe overlast weg te nemen van de eikenprocessierups en brandharen van rupsen is dit middel ontwikkeld door Toriel.
Het bestaat uitsluitend uit natuurlijke, plantaardige en hernieuwbare grondstoffen. Catefix is niet giftig, bevat geen oplosmiddelen, weekmakers of zware metalen. Het middel doordringt het nest volledig en vormt een harde fixeerlaag die het nest volledig afsluit. De rupsen in het nest kunnen geen kant op en zullen sterven. De brandharen in het nest kunnen niet uit de lijm ontsnappen en geven geen overlast meer. Later in het seizoen kunnen ook oude nesten behandeld worden. Dit voorkomt dat bij harde wind brandharen uit het nest ontsnappen en voor irritatie zorgen.
Overgebleven nesten
Punt van aandacht is dat de nesten niet volledig verdwijnen en na de bestrijding van de eikenprocessierupsen nog giftige stoffen zouden kunnen bevatten. Rodrigues: “We spuiten momenteel alle nesten nabij een sportpark in Apeldoorn in met Catefix, in eerste instantie om de directe overlast weg te nemen. Na afloop van het rupsenseizoen brengen we de overgebleven nesten naar een laboratorium voor onderzoek. We willen namelijk weten of de brandharen en stoffen als toxine volledig zijn verdwenen. Uiteindelijk willen we toe naar een oplossing die biologisch en selectief is en zorgt voor een beheersbare situatie. Dat zijn de drie sleutelwoorden.”
Ralf Pijnenburg