Maak de tuin een vogelvriendelijk paradijs

Foto: Hans Dijkstra
Foto: Hans Dijkstra

Vogels zorgen voor leven in de tuin. Nog belangrijker: door vogels neemt de biodiversiteit toe. Zelfs de kleinste tuinen zijn vogelvriendelijk te maken.

Foto: Hans Dijkstra
Foto: Hans Dijkstra

Twee hoveniers die regelmatig vogelvriendelijke tuinen aanleggen, delen hun tips.

Klaas Bart
Klaas Bart

Een vogelvriendelijke tuin aanleggen is voor Klaas Bart Hoveniers uit het Noord-Hollandse Winkel een tweede natuur. Eigenaar Bart vertelt dat hij zich graag toelegt op tuinen waar de leefbaarheid van mens én natuur centraal staan. “Vogels en andere dieren in de tuin zorgen voor een verrassingselement. Met vogels in de tuin gebeurt er wat in de tuin, waardoor deze aantrekkelijker wordt voor de gebruiker. Daarnaast ben ik ervan overtuigd dat we de buitenruimte anders moeten gaan inrichten: meer dier- en mensvriendelijker en rekening houdend met het veranderende klimaat.” Bart ziet het als een verantwoordelijkheid van hoveniers om de particuliere buitenruimten zo milieu-, mens- en diervriendelijk in te richten. Zijn tip voor de aanleg van een vogelvriendelijke tuin? Zorg voor de vier V’s: voedsel, veiligheid, voortplanting en variatie. “Dierlijk voedsel zoals rupsen, spinnen en regenwormen zijn essentieel voor vogels. En luizen vormen voor jonge vogels een belangrijke voedselbron omdat ze eiwitrijk zijn. Insecten en andere kleine dieren zijn sowieso erg belangrijk voor een gezond evenwicht in de tuin. Een groot deel van het jaar eten veel vogels daarnaast ook zaden, bessen en fruit. Zorg dus voor (lei)fruitbomen en bomen met zaden zoals de Els. Ook het zaad in uitgebloeide vaste planten eten ze graag.”

Foto: Hans Dijkstra
Foto: Hans Dijkstra

Extra biotoop

Om vogels een veilige schuilplek te bieden, adviseert Bart om dichte of stekelige struiken te planten waar vogels naartoe kunnen vluchten als er gevaar dreigt van katten of roofvogels. “Het liefst plant je ze naast of tegen een gevel voor beschutting.” De derde V richt zich op de voortplanting. “Zorg daarom voor nestgelegenheid in de tuin. Denk bijvoorbeeld aan nestkastjes en maak een takkenril.” Tot slot staat de laatste V voor variatie. “De Meidoorn is geweldig voor vogels, maar met een hele tuin vol Meidoorns krijg je toch niet veel verschillende vogels. Breng daarom variatie aan in de beplanting. En zorg ook voor variatie in de standplaats van bomen en struiken; zowel in de zon als in de schaduw.” Nog een tip voor een vogelvriendelijke tuin: zorg voor een extra biotoop. “Een natuurlijke vijver, liefst met een geleidelijke oever, is interessant voor vogels om te drinken en badderen. Een vogeldrinkbak kan ook. En maak eens een zandbad, daar zijn onder andere de mussen blij mee.”

Foto: Hans Dijkstra
Foto: Hans Dijkstra

Zaadlijsten

Ook Arno Jonkers, eigenaar van Jonkers Hoveniersbedrijf uit Rossum, weet wat vogels in een tuin zoeken. Jonkers, zelf groot vogelliefhebber, wordt regelmatig gevraagd om diervriendelijke tuinen aan te leggen. “Ik ben helemaal gek op flora en fauna en vind dat alles wat leeft in de tuin, daar een plek moet kunnen krijgen.” In zijn eigen tuin bouwde de hovenier een vogelhotel met welk tachtig nestkastjes. Een stelregel die hij hanteert? Hoe schoner je een tuin maakt, hoe minder plekjes er zijn om te schuilen en scharrelen, bijvoorbeeld om zaden te zoeken. “Laat daarom zaadlijsten in de herfst staan om het vogels makkelijker te maken om de winter door te komen.” Bij de aanleg van een nieuwe vogelvriendelijke tuin, adviseert Jonkers veel bes-dragende planten neer te zetten. “En het hele jaar bijvoeren in de tuin is belangrijk, want daardoor krijg je continu dezelfde vogels op bezoek. Haal wel in mei, als de jonkies gevoerd worden door hun ouders, het harde voer zoals pinda’s en andere nootjes, weg. Want dat kunnen de kleine vogels nog niet verteren. Meelwormen zijn in die periode een beter alternatief, dat kun je als levend aas kopen. Of plant varens in de tuin, want de vele kleine rupsjes daarin vormen natuurlijk aas voor de vogels.”

Bomen met ruwe bast

Het is echter niet eenduidig te zeggen welke boom of struik het meest vogelvriendelijk is, stelt Jonkers. “Dat ligt ook aan de grootte van de tuin. Maar een vuurdoorn is geliefde vanwege de vele bessen en prikkende takken, zodat vogels kunnen schuilen. Ook de bessen van de hedera zijn populair bij vogels. En kies voor bomen met een ruwe bast, zoals de Moerascipres. In deze bast overwintert ongedierte. In het voorjaar zie je boomkruipers en boomklevers de stam op en af gaan op zoek naar voedsel.” Het is een misvatting dat alleen grote tuinen een vogelparadijs kunnen zijn, zegt hij. “Ook van kleine tuinen en zelfs balkons kun je een echte vogeltrekker maken. Met nestkastjes, een groene gevel en een schaal water kom je al een heel eind. En natuurlijk: plant wat bloemen, want die lokken insecten, waar op hun beurt weer vogels op af komen.”

Vogelvriendelijk zijn…

Bomen: Els, Berk, Meidoorn, Appelboom, Zoete kers, Vogelkers en lijsterbes.

Struiken: Drents krentenboompje, Broodboom, Zuurbes, Rode Kornoelje, Hazelaar, Dwergmispel, Meidoorn, Olijfwilg, Kardinaalsmuts, Struik-klimop, Hulst, Mahoniestruik, Taxus en Sleedoorn.

Hagen: Veldesdoorn, Haagbeuk, Meidoorn, Liguster, Hondsroos en Taxus.

Inheemse vaste planten: onder andere Duizendblad, Wilde bertram, Zenegroen, Vrouwenmantel, Engels gras, Aster, Spirea, Knoopkruid, Korenbloem, Margriet, Ridderspoor, Vingerhoedskruid, Marjolein, Rudbeckia, Veldsalie en Vetkruid.

Klimplanten: Klimop, Hop, Klimhortensia, Winterjasmijn, Wilde kamperfoelie, Wilde wingerd, Vuurdoorn, Blauwe regen en Lathyrus odoratus.

Tekst: Daphne Doemges-Engelen

Lees ook: Biodiversiteit op groene gevels meetbaar